Blijvertjes 

Wetmatigheid van het beroep: de collecties worden groter en het personeelsbestand kleiner. Wieden in de collecties dan maar? Ontspullen is een van de vele hypes die dit jaar kwamen aangewaaid en de basisfilosofie die erachter schuilt is best wel oké. Geluk begint met je eigen rommel op te ruimen. James Wallman schreef er zo’n typisch zelfhulpboek over waarin hij voor een alternatief waardensysteem pleit. Materialisme moet plaatsmaken voor experiëntialisme of het vinden van geluk in intrinsieke belevingen, zoals ervaringen. Als bibliothecaris kijk ik er met gemengde gevoelens tegenaan. Meer doen met minder klinkt vertrouwd in de oren maar snoeien in de collecties blijft een uiterst heikele zaak. Wat zijn de correcte criteria om af te voeren? Items die nooit geconsulteerd worden?

Voer een ogenschijnlijk gedateerde tijdschriftencollectie af en je krijgt op een blauwe maandag geheid een aanvraag voor een artikel uit dat tijdschrift binnen. En net dat nummer zal om onbekende redenen ontbreken in die andere bibliotheek die het wel nog bewaarde. Vervolgens zal het een van de titels zijn die nog niet gedigitaliseerd werden wegens — je raadt het al — niet prioritair want inhoudelijk gedateerd. De verstandige lezer heeft ondertussen al door dat ‘ontspullen’ iets voor de amateur-verzamelaar van pakweg postzegels of prentkaarten is. De brave liefhebber die door een verhuis of een echtelijk dispuut de schaar in de te groot geworden collectie moet zetten. Er is een tijd om te bewaren en een tijd om op te ruimen, klinkt het dan hoopvol in de familie van de vertwijfelde verzamelaar.

In het bibliotheeklandschap wordt het ook moeilijker om zich te verschuilen voor de toenemende dematerialisering van informatie. Content is king in de gedigitaliseerde wereld. Als het boek als bewaarplaats voor kennis en verhalen ter discussie staat wordt deze klassieke grap afkomstig uit Historisch Canon van Fokke & Sukke vaak aangehaald: Twee middeleeuwse monniken zitten aan hun schrijftafel. Zegt de ene tegen de ander: “Die boekdrukkunst… Da’s geen blijvertje.” Zegt de ander: “Mensen willen toch altijd handgeschreven boeken blijven lezen.” In onze waardevolle collectie herbergen we nog tientallen werken uit de 16e eeuw en 17e eeuw. Dat zijn pas blijvertjes. 

Column geschreven in opdracht van VVBAD en oorspronkelijk gepubliceerd in META: Tijdschrift voor Bibliotheek en Archief, 2016 (8).
Cartoon credits: Canary Pete.
Geluk is als een trein, die je niet ziet omdat je er zelf in zit. November was alvast geen goede maand voor de spoorwegen. Alles wat verkeerd kon gaan, ging verkeerd. De Wet van Murphy is ook die van de N.M.B.S. Stroomonderbrekingen, personen op het spoor, brand, defecte voorgaande treinen, verstoorde signalisatie, kapotte bovenleidingen, deuren van treinen die blokkeren, noem maar op. Het gebeurde allemaal deze maand. Statistieken en uurroosters, je kan er creatief mee omgaan en vertragingen systematisch minimaliseren maar als geroutineerde pendelaar weet je wel beter. Geluk is een trein die op tijd rijdt..
Op het tweede schavotje naast de burgemeester. Photo credits: Brecht Dekeyser.
Door het stormweer vorig weekend werd de eerste havenloop van Zeebrugge met een week uitgesteld. Ik nam deel aan de 9K met start om 13.30. Ondanks een goede start liep ik pas in derde positie na de openingskilometers doorheen de oude vissershaven. Costis Caratzicos uit Louvain-la-Neuve had dan al het hazepad gekozen. Bij de afslag naar de P&O Ferries ging het bergop en kwam ik bij de tweede aansluiten. Ik vroeg nog om mekaar af te lossen om dichter bij de koploper te geraken maar dat bleek geen optie voor de andere loper die zijn snelle start moest bekopen. Na een aarzeling ging ik er alleen vandoor en de rest van de race liep ik alleen in tweede positie, luid aangemoedigd langs de Kustlaan. De kloof van 39 seconden met Costis Caratzicos kreeg ik niet meer dicht gelopen maar zelf had ik ook een comfortabele voorsprong op de derde, Jan Ryckeboer uit Veurne. Tijdens de podiumceremonie vroegen Joachim Coens en burgemeester Renaat Landuyt wat ik van het parcours vond.  Sommigen vonden het blijkbaar jammer dat je de zee niet kon zien. Voor sightseeing had ik geen tijd maar ik vond het wel prachtig om zoveel ruimte te hebben om te lopen. Flyeren  tussen de containers op de uitgestrekte dokken. Het is eens wat anders dan smalle, kronkelende kassei- of boswegen. Voor herhaling vatbaar!


9km - Wedstrijdresultaten (660 finishers)

Mannen - Top 
1. CARATZICOS Costis 0:32:41
2. MEESE Laurent 0:33:21
3. RYCKEBOER Jan 0:34:16

Vrouwen - Top
1. TSHINYAMA KABONGO Marie Isabelle 0:41:41
2. LIERMAN Melissa 0:43:04
3. BYSTER Sophie 0:43:08
Regen en wind deren een natuurliefhebber niet.
Een bos in volle herfstkleuren is net zo ontzagwekkend als een bosbrand, een enkele boom is als een dansende vlam die het hart verwarmt. - Hal Borland , Sundial of the Seasons (1964).
Top 10 in Gistel. Photo credits: Gistelse Joggingclub.
Een stormachtig weekje in het leven van bibman. Eerst de vermoeiende verhuizing op zaterdag en zondag. Honderden boeken en cd's uit mijn privé-collectie had ik voordien met veel pijn in het hart afgevoerd om de lady des huizes te plezieren. De mensen van Oxfam waren wat blij met mijn milde gift. Op woensdag werd ik tijdens een avondloopje aangevallen door een hond en was ik aan de antibioticum toe. Het postbode-syndroom noemde de huisdokter het. Maar mijn deelname aan de wedstrijd kwam gelukkig niet in gevaar. Op weg naar de Route 62 in Gistel kreeg ik echter af te rekenen met een lekke band. Al liftend kon ik nog tijdig aan de start geraken. De wind woei zoals steeds hard in de polders, maar minder fel dan een jaar eerder. Met weinig kilometers in de benen koos ik voor de kortere wedstrijdafstand van 7,7 km. Op adrenaline en in het spoor van Jens Ketels en Johan Olivier liep ik een vrij tempovaste wedstrijd. Ik finishte als zesde in 26'58”, teamgenoot Frederik Ameloot werd knap tweede in 26'19”.  Winnaar werd Pieter Vanroose uit Woumen.

Uitslagen 22ste Route 62: 12km 7.7km 4.1km

Op 17 november vond de jaarlijkse dag van de bibliothecaris plaats, een organisatie van het Forum van de Federale Bibliotheken (BIBForum). Deze studiedag vond plaats in de Koninklijke Bibliotheek en in de namiddag in het Algemeen Rijksarchief. Het was een erg interessant programma met zowel lezingen, afwisselend in het Frans en Nederlands, als rondleidingen in beide instellingen. Michel Fincoeur gaf een boeiend historisch overzicht van de geschiedenis van het wettelijk depot in ons land: Van een inquisitoriaal oog tot een visie op erfgoed : 400 jaar wettelijk depot in België. Katrien Cuypers ging vervolgens dieper in op de prospectie en controle bij het wettelijk depot en de samenwerking met Boekenbank.be. De problemen en toekomstperspectieven van het wettelijk elektronisch depot werden vakkundig geschetst door Sophie Vandepontseele. Het is nu wachten op een wettelijk kader dat deze materie regelt. Astrid De Spiegelaere ging dieper in op het initiatief om gemeenschappelijke aankopen van elektronische bronnen in een aankoopconsortium mogelijk te maken. Het MADDLAIN project werd door Melissa Hodza met verve uit de doeken gedaan. Het betreft een onderzoek naar de digitale toegang tot de verzamelingen en e-learning in de bibliotheek. In de laatste lezing van de voormiddag ging Marie-Sophie Bercegeay dieper in op de valorisatie van de elektronische bronnen in de KBR. Bij de bezoeken aan de bewaarplaatsen van het Wettelijk Depot en het Rijksarchief stelden we andermaal vast dat we allemaal met dezelfde problemen te kampen hebben: krimpende werkingsbudgetten, nijpend plaatstekort en gebrek aan gekwalificeerd personeel. Verder roeien met de riemen die je (nog) hebt, zeggen we dan bemoedigend bij het afscheid na een geslaagde studiedag.


Herman Brusselmans in optima forma? Je moet er soms lang op wachten en pagina's vol ongein doorspartelen. Maar dan is het er ploseling: uitzinnige, absurde humor in een vloeiende en geestige stijl en dialogen die zo uit een wachtzaal van een treinstation of nog beter uit een gekkenhuis geplukt zijn. Brusselmans ongeïnspireerd, dat is toogpraat uit een kroeg die betere tijden heeft gekend, met vuilbekkende, marginale tooghangers die op de poef drinken. Het oeuvre van Brusselmans (geb. 1957) is ondertussen zo omvangrijk dat het een genre op zich is geworden: de burleske fictieve autobiografie. De poète maudit en ex-rebel van de Vlaamse letteren is nu zelf een BV geworden, opgenomen door de goegemeente waar hij destijds zo op spuwde. Met columns in Het Laatste Nieuws en gastoptredens op televisie. Zo personificeert – of speelt – hij het typetje van de wereldvreemde, langharige en vuilbekkende schrijver. Literaire erkenning bleef altijd uit, ook in de periode toen hij zijn beste romans schreef met het magische klavertje vier De man die werk vond, Zijn er kanalen in Aalst?, Heden ben ik nuchter en Dagboek van een vermoeid egoïst. Literaire gelukbrengers waren dat voor alle Vlaamse outcasts en verdwaalde studenten, op een manier die hij deelde met de betreurde J.M. Berckmans. Inktzwart, in alcohol gedrenkt proza, origineel en authentiek. Nadien viel hij vaak in herhaling, verder bordurend op zijn literaire spielerei met fictieve en autobiografische elementen totdat hij in oeverloze zelfparodie verzandde. 

In zijn nieuwe roman 'De fouten' is het niet anders. Het uitgangspunt is anders best intrigerend. De neerlandicus Johannes Huyghe werkt aan een biografie over de jonge jaren van de schrijver. Brusselmans krijgt het manuscript op listige wijze in zijn bezit en corrigeert de talrijke fouten. Ondertussen jeugherinneringen ophalend over opgroeien in Hamme en zijn fanasie de vrije loop latend over hoe het ooit was en had kunnen zijn.Vuile praat, platte humor en openhartige bekentenissen over zjin amoureuze leven wisselen voortdurend af. Phoebe, Mona en Alathea, de drie vrouwen die zo'n belangrijke rol in zijn leven speelden duiken geregeld op. Grensverleggend is het allemaal niet meer maar wie meegaat in het nihilistische universum van Brusselmans wordt weer getrakteerd op een salvo van zwarte humor en zelfspot. Er zijn ondertussen veel epigonen van de schrijver opgedoken maar Brusselmans blijft the real thing: onversneden, droefgeestig en immer in voor een kwinkslag. Ernst is geen optie. Het leven zelve is al serieus genoeg. 

Herman Brusselmans: De fouten (Prometheus, 2016), 245 p. € 18,95.
Jean Jullien: Modern Life (Teneues Media)

Dank zij het wonder van de moderne media kunnen we de hele dag dezelfde nieuwsberichten horen. - James Stanley